Opa

“Hij was ook míjn opa”, zegt hij. Ze woonden hier, naast de kerk. Iedere zondag gingen we bij hem en opoe Jenneke op bezoek. Er was altijd zoveel te vertellen en te lachen. We mochten opa en opoe zeggen. Wat geweldig om ze nu zo op de foto te zien. Samen op het bankje naast hun huis.”
De kerk waar ik onlangs uitgenodigd was om over mijn werk als fotograaf/schrijver te vertellen, is de plek waar mijn geschiedenis ademt. Letterlijk. Vier van de aanwezigen hebben mijn overgrootouders gekend, kwamen bij hen thuis, spraken dezelfde taal, kochten brood bij buurman bakker. Het ontroert me als ik hen met de foto van mijn overgrootouders in de handen zie staan. En ik zie dat het hen ontroert dat ik zoveel weten wil.
Aan het einde van de avond, schudden ze me de hand.
“Ik heb nog nooit iemand gesproken die zoveel belangstelling voor ouderdom heeft en foto’s uit een ver verleden. U hebt de gave om toen en nu met elkaar te verbinden. Dankuwel. En doe uw vader de groeten. Hij was net zo’n klein ventje als wij toen.”

En dat zie ik als ik hen aankijk. En als ik mijn vader de volgende dag over deze ontmoeting vertel, zie ik het ook. Opgetogen jongensogen. Gretig naar verhalen van vroeger, en blij met ieder beeld dat daarvan nog aanwezig is.
Fantastisch vind ik het, oud en nieuw verbinden en daarvan een boeken met beelden en verhalen maken voor de toekomst…2

Geen reactie's

Geef een reactie